Een werknemer heeft met ingang van 2018 recht op vakantietoeslag over zijn overwerkloon.

Een werkgever moet werknemers betalen voor de uren die zij werken. Als de werknemer extra uren werkt (meerwerk/overwerk) moet u de werknemer zo betalen dat deze gemiddeld minstens het minimumloon verdient voor die gewerkte uren. Betalingen voor meerwerk of overwerk tellen vanaf 1 januari 2018 ook mee voor de berekening van het vakantiegeld.

Als het loon lager was door ziekte of verlof bouwt de werknemer vakantiegeld op over dat lagere loon.

In de cao kunnen andere afspraken over vakantiegeld staan.

Op de loonstrook staat hoeveel vakantiegeld de werknemer krijgt.

De werkgever betaalt het vakantietoeslag minstens 1 keer per jaar uit. De meeste werknemers krijgen in mei of juni hun vakantiegeld. Afspraken over de uitbetaling staan in de arbeidsovereenkomst of cao.

De werknemer heeft recht op jaarlijks vakantiegeld van minimaal 8 procent van het bruto jaarsalaris. De wettelijke term hiervoor is vakantiebijslag. Meestal vakantiegeld of vakantietoeslag genoemd.

Als de werknemer ziek is, loopt de opbouw van het vakantiegeld door.

Het vakantiegeld wordt berekend over het loon dat de werknemer heeft verdiend in het afgelopen jaar, bijvoorbeeld van januari tot januari. Andere betalingen, zoals winstuitkering en eindejaarsuitkering, tellen niet mee voor de berekening van het vakantiegeld.

Bron: Salarisnet