De Tweede Kamer heeft ingestemd met het voorstel voor de Wet invoering extra geboorteverlof (WIEG). Door het wetsvoorstel krijgen werknemers na de bevalling van hun partner recht op geboorteverlof.

Vorige week werd tijdens de behandeling van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer al duidelijk dat een meerderheid achter de plannen stond om het huidige kraamverlof te vervangen door een ruimere regeling voor geboorteverlof. Dit blijkt nu ook uit de stemming: het wetsvoorstel is aangenomen door de Tweede Kamer. Alle amendementen die bij het wetsvoorstel zijn ingediend, zijn verworpen. Dit betekent onder meer dat er geen minimumloongrens gaat gelden voor het aanvullend geboorteverlof. Ook komt er geen (aanvullend) geboorteverlof voor zzp’ers en gaat er geen korter aanvullend geboorteverlof gelden om zo een wettelijke regeling voor rouwverlof te financieren.
Overigens moet de Eerste Kamer nog wel stemmen over het wetsvoorstel, voordat het geboorteverlof daadwerkelijk in werking kan treden.

Door de WIEG krijgen werknemers naar verwachting per 1 januari 2019 recht op geboorteverlof. Dit verlof duurt maximaal eenmaal de wekelijkse arbeidsduur. Een werknemer die 32 uur per week werkt, heeft dus recht op 32 uur geboorteverlof. Tijdens het geboorteverlof moet de werkgever het loon doorbetalen. Per 1 juli 2020 komt hier het aanvullend geboorteverlof bij. Dit verlof duurt maximaal vijfmaal de wekelijkse arbeidsduur. Een werknemer die 32 uur per week werkt, heeft dan dus in totaal recht op 192 uur verlof (geboorteverlof en aanvullend geboorteverlof). Tijdens het aanvullend geboorteverlof ontvangt de werknemer een uitkering van UWV ter hoogte van 70% van zijn dagloon (tot 70% van het maximumdagloon). De werknemer moet eerst het geboorteverlof opmaken, voordat hij aanvullend geboorteverlof kan opnemen.

Bron: Rendement